Zondagavond zou ik naar een verjaardagsfeestje van een Belgische gaan [met dezelfde naam als mijn mama]. Maar ter zake: ik was al laat, had hier lang aan mijn pc zitten klooien -in dat opzicht zijn foto's een merde- en wilde voor ik vertrok 't maagzakje eerst nog vullen met vast voedsel. Dus snel (deze keer slechts) één ei in de pan, geflankeerd door een hoop geprepareerde spekblokjes. Maar -en daarom deze post- dat ene ei bleek een tweeling! Yeaha, inderdaad. Geen dooie mus, maar een dooier-zus. Bij het aanschouwen van zulke oranje tweelingzusjes onder één kalimerohoedje vroeg ik me spontaan af wie van de twee de impliciete ei-leider was geweest. Was het die grotere dooier, of toch het kleine vechtertje. Nooit geweten dat ik nota bene door een kippenei gecharmeerd kon raken. Tis fijn om zelf ook één van de mooie schakels van moeder natuur te mogen zijn, bedacht ik me aldus. Omdat ik mezelf geen bijzondere gaven toedicht, laat staan ervan verdenk mogelijke geluksvogel-kwaliteiten te bezitten, wilde ik er ook niet TE veel bij stilstaan. Ik had het ei bovendien meteen boven de hete pan opengebroken, dus no way back: Siddert ende schroeit ghij tweelinck ghebroed! Een foto wilde en kon ik ook niet meer nemen, en mijn handen waren vettig van de olijfolie en de spekmassa. Trouwens: Wie een man niet op zijn woord geloven kan, verdient geen wederzijds vertrouwen waarop j'een huis kunt bouwen!
(Oh yess, het ware ó zo simpel geweest om achteraf nog snel een -in onze beeldcultuur obligaat geworden- bewijsplaatje te schieten van 2 eitjes in de pan, 1 eierschaal in de hand, en een überverwonderend kijkende stomme kop van uw dienaar geluksvogel. De tweede eierschaal zorgvuldig in de vuilbak buiten beeld.) NIET DUS! Ik had bijna de in deze context terminologisch onvergeeflijke constructie ‘... achteraf snel een kiekje te maken’ gehanteerd.
Goed, om een lange staart kort te knippen: op het net vond ik snel grote theorieën over dit “ó zo uitzonderlijk” verschijnsel en uitleg over bijhorend bijgeloof in verband met voortplanting en vruchtbaarheid. Om te vermijden dat er hier een hele eierstroom op gang komt, zal ik verder geen ruchtbaarheid geven aan dat laatste. Dit ook omdat andere bronnen op het net laten weten dat je dergelijke ‘dubbeldooiers’ doodleuk apart bij Albert Heijn kunt vinden. Weg charme. Weg -ja, tóch wel stilletjes gehoopte- lucky strike! Enfin, ik was laat op het verjaardagsfeestje. Veel te laat. Ik had dan ook bijkomend nog 50 minuten fietsend rondgezworven door het momenteel ’s avonds bitterkoude Montpellier vooraleer ik in party-dress het party-adres had gevonden. Pech: al het lekkers was op én leeg en ook de laatste gasten druppelden al huiswaarts. Anderzijds: helpen opruimen en een warme babbel volstaan op bepaalde avonden voor een Kalimero. De volgende keer bestelt de pechvogel een warme chocola. Met slechts één suikertje. Maar dan wel van het éénklonterige tweelingtype.





















